dinsdag 29 oktober 2019

Brb


Trots zit ik een blog van dochter Zoë te lezen. Geschreven tijdens haar stage. Ze heeft net haar vwo-diploma gehaald en probeert nu tijdens een aantal snuffelstages uit te vogelen welke studie goed bij haar past. Ze houdt van schrijven, maar piekert er niet over om – net als ik – tekstschrijver te worden. “Zakelijk schrijven is saai!”

En toch heeft ze bewust gekozen voor een stage op een communicatie-afdeling. Waar ze nu dus schrijft. Zakelijke teksten. Maar dan níet saai. Deze gaat bijvoorbeeld over trendy herfstdrankjes.

Ik gloei van trots. Totdat ik een tikfoutje zie: brb. Geen idee wat er eigenlijk had moeten staan. Het gaat over mandarijnen die geperst worden. Bedoelt ze misschien het geluid van de sapcentrifuge? Straks even vragen.

Ik word keihard uitgelachen. Recht in m’n gezicht. “Máhaam, dat staat voor be right back. Wíst je dat niet?!” Haar jongere zus – die de hele dag in onbegrijpelijke afkortingen met haar vrienden zit te appen – kijkt hoofdschuddend op van haar scherm: “Mam, je wordt oud.”

En zo voel ik me ook. Stokoud. Ik heb steeds meer moeite om mijn dochters te verstaan. Hun taaltje ver-Engelst in rap tempo. Alles is tegenwoordig cringy, cheesy of derpy. En mijn vragen worden doorgaans beantwoord met één enkel woord: Sure. Of right. Waarbij ik dan maar aan de toon moet zien af te leiden of ze echt wel right bedoelen, of juist helemaal niet. Want dat luistert nogal nauw. Interpreteer ik het verkeerd, dan is dat rude.

Op andere momenten specificeren ze hun woorden juist weer heel nauwkeurig. Dan komt as in voorbij, met daarachter wat meer uitleg. En dat een keer of 26 per dag.

In hun Nederlandse zinsconstructies ontdek ik steeds vaker ‘vertaald Engels’. “Ja, dat is maar béter!” (Als ze bedoelen: “Daar ga ik wel vanuit”) Of kortweg: “Beter!” Dat dat helemaal niet beter is, houd ik tegenwoordig maar voor me.

Daar heb ik dan vier jaar Nederlands voor gestudeerd. Ik had beter Engels kunnen kiezen. Want ik weet niet of ik met mijn Nederlandse teksten mijn pensioen wel haal. Er groeit een generatie op die het niet meer interesseert of een zin lekker loopt en of alle d's en t's netjes op hun plek staan. Terwijl dat al 25 jaar mijn handelsmerk is. Maar hoe lang ik daar nog mijn brood mee kan verdienen? Geen idee!

Gelukkig is er een opvolger in aantocht. Nog even en ik kan de hippe teksten aan Zoë overlaten. Ga ik zelf lekker met een goed boek in de zon zitten. 
Brb.

PS: Mocht je nieuwsgierig zijn naar Zoë's blog:

Suzanne